
Fotograaf is Cor de Kock
Overgenomen van de site WWW.AD.nl
06-11-06
Golden retriever Ernst helpt Corry Spies bij het stofzuigen. Maar pootjes geven
aan vreemden
vertikt-ie. Hij heeft wel wat beters te doen.
Het is uitsluitend het
mengtaaltje van Engels en Nederlands
waarop hulphond Ernst reageert. ,,Socks uit,’’ zegt... Corry Spies met een
rustige stem.
En prompt begint de golden retriever aan het puntje van haar sokken te trekken.
Voorzichtig, want de sokken mogen natuurlijk niet kapot, om nog maar niet te
spreken over
Corry’s tenen. De schoenen heeft hij dan al uitgetrokken, de veters losgemaakt.
Eenmaal uit verdwijnen de sokken in de wasmand. Daar heeft Corry, die al jaren
in een
elektrische rolstoel zit, geen omkijken meer naar.
Voor de goede orde: Ernst is een autochtone hond, geboren en getogen in
Nederland.
Maar opgevoed en getraind in het Engels. Dat is gedaan om te voorkomen dat hij
de hele dag
wordt afgeleid door mensen die hem dingen toeroepen. Het resultaat daarvan
blijkt ook even
later in de supermarkt, waar Corry en Ernst veel aanspraak hebben. ,,Geef eens
een pootje,’’
zegt een medewerker van de winkel. Ernst kijkt echter stug voor zich uit,
terwijl hij met
een schuin oog Corry in de gaten houdt.
Het is ongelooflijk om te zien wat Ernst allemaal kan. Behalve dat hij haar
helpt met
aan- en uitkleden, draagt hij zware dingen, zorgt hij dat Corry zélf haar woning
kan stofzuigen
en stelt hij de gehandicapte vrouw in staat weer boodschappen te doen en deel te
nemen aan
het openbare leven.
De 42-jarige Corry Spies lijdt al het grootste deel van haar leven aan dystonia
musculorum
deformans, een neurologische aandoening waarbij spieren in haar hele lichaam
bijna continu
verkrampen. De ziekte openbaarde zich voor het eerst toen ze 16 was en werd
langzaam steeds
heftiger. Zozeer zelfs dat de inwoonster van Tiel zich nu al jaren voortbeweegt
in een
elektrische rolstoel.
Sinds drieëneenhalf jaar heeft ze echter de beschikking over Ernst en is het
verslechteren van
haar conditie tot staan gebracht. Dat is geen toeval, zegt ze zelf. ,,Hij helpt
me bij alles.
Mijn artsen zeiden laatst ook dat het goed is dat ik zoveel hulp krijg van mijn
hond en dat ze
denken dat mijn toestand daardoor niet verder verslechtert. Ik heb gewoon meer
energie over.’’
Naast het feit dat Ernst Corry veel hulp biedt bij praktische zaken, speelt ook
simpelweg de
aanwezigheid van de hulphond een belangrijke rol. ,,Ernst zorgt voor mij, maar
ík moet er
natuurlijk ook zijn voor hem. Eindelijk heb ik ook eens iemand om voor te zorgen.
Dat geeft me
een heel goed gevoel.’’
Een aantal jaren voordat Ernst aan Corry werd gekoppeld, waren haar ouders bij
haar ingetrokken.
Dat ging perfect, zegt Corry, haar woorden zeer zorgvuldig kiezend. ,,Mijn
ouders hebben niet
getwijfeld of ze dat voor me overhadden, en ik ben ze er ook heel dankbaar voor.
Maar ergens
klopt het natuurlijk niet, dat ouders weer gaan wonen bij hun dochter. Ik voelde
me daar toch
bezwaard over, voelde me schuldig dat ik hen dat aandeed.’’
Door de komst van de hulphond kan Corry echter weer behoorlijk zelfstandig door
het leven.
Iedere morgen komt er een verpleegkundige om haar te wassen en aan te kleden,
maar in principe
rooien Corry en Ernst het verder helemaal zelf. En dat betekent een boel voor
haar. ,,Zonder
mijn hulphond ben ik continu aangewezen op mensen die mij ondersteunen. Dat
betekent dat ik de
hele dag mensen in mijn huis heb waar ik ‘dank je wel’ tegen moet zeggen of met
wie ik praatjes
moet maken. Ik ben absoluut niet ondankbaar, maar ik ben ook maar een mens en
heb daar niet
altijd zin in. Soms wil ik gewoon privacy, samen met Ernst.’’
Eigenlijk zijn ze een soort stelletje, geeft Corry kraaiend van plezier toe. Ze
zit goed in haar
vel, zoveel is duidelijk. ,,Allemaal door Ernst.’’ Het is nauwelijks voor te
stellen dat ze door
de aanhoudende verkrampingen continu pijn heeft.
Wanneer Corry en Ernst boodschappen gaan doen blijkt eens en te meer hoezeer de
hond ervoor zorgt
dat zijn baasje middenin het leven staat. Als Corry biscuitjes nodig heeft van
het onderste schap,
hoeft ze maar te wijzen of Ernst pakt het pakje voor haar en deponeert het in
het mandje.
Het is duidelijk, Corry en Ernst zijn een soort twee-eenheid. Dat is al zo vanaf
het begin.
Tijdens de eerste kennismaking (‘het voelde een beetje als een blind-date’) wist
Corry gelijk
: dat is ’m! ,,Ik hoopte zo dat het gevoel wederzijds was. En het klikte
onmiddellijk. Ernst is
uiteindelijk nogal een beetje een watje. Als ik iemand was geweest met een
dominante
persoonlijkheid of bijvoorbeeld altijd zou praten met een harde, dwingende stem,
dan had het
nooit geklikt.’’
De positieve instelling van Corry is met geen mogelijkheid te doorbreken.
Alleen wanneer ze vertelt dat het de laatste jaren lastig is een hulphond te
krijgen,
wordt ze even heel serieus. ,,Hulphonden kosten een behoorlijk bedrag.
Alles bij elkaar praten we al gauw over zo’n 26.000 euro, want ze worden
intensief getraind.
Maar ik spaar natuurlijk ook een hoop uren zorg uit. Naar schatting tweeënhalf
keer dat bedrag.
Ik vind het lastig er op zo’n manier over te praten want Ernst wordt feitelijk
gezien als een
hulpmiddel, terwijl hij voor mij alle verschil maakt.’’